Sparen met een doel voor uw kind
Hoeveel u voor uw kind kunt sparen hangt af van uw doel, looptijd en budget. Bereken een passende maandelijkse inleg en ontdek waar u op let bij sparen, beleggen en schenken.
Wie zoekt op hoeveel sparen voor kind, zoekt meestal niet naar één universeel bedrag. De juiste maandelijkse inleg hangt af van uw doel, de leeftijd van uw kind, uw looptijd en wat er binnen uw eigen budget past. Een bedrag voor rijlessen is iets anders dan een bijdrage aan een studie of een startkapitaal op de achttiende verjaardag.
Een praktische aanpak is om eerst het doelbedrag vast te stellen en daarna terug te rekenen naar een maandelijkse inleg. Zo voorkomt u dat u een bedrag kiest dat op papier mooi klinkt, maar jarenlang te zwaar drukt op uw huishoudbudget.
Hoeveel sparen voor een kind is een realistisch bedrag?
Er bestaat geen standaardbedrag dat voor ieder gezin passend is. U kunt wel met een eenvoudige rekensom een eerste inschatting maken.
Maandelijkse inleg = doelbedrag min bestaande inleg gedeeld door het aantal maanden tot het doel.
Stel dat u vanaf de geboorte tot de achttiende verjaardag €10.000 wilt opbouwen en nog niets heeft ingelegd. Dan komt u zonder rente uit op ongeveer €46,30 per maand. Voor een doel van €20.000 is dat ongeveer €92,60 per maand. Bij €30.000 gaat het om ongeveer €138,90 per maand.
Dit zijn rekenvoorbeelden, geen adviesbedragen. Rente, kosten, inflatie en veranderingen in uw inkomen zijn hierin niet meegenomen. Het belangrijkste inzicht is dat een vroeg begin de maandelijkse druk verlaagt. Wie later start, moet voor hetzelfde doelbedrag in minder maanden sparen.
Kijk bij het vaststellen van uw bedrag eerst naar uw eigen financiële basis. Een aparte financiële buffer opbouwen voor onverwachte uitgaven hoort vóór een langetermijndoel voor uw kind te komen. Anders loopt u het risico dat u het kinderspaargeld moet aanspreken zodra de auto, woning of gezondheid extra kosten veroorzaakt.
Bepaal eerst waarvoor u spaart
Sparen voor een kind wordt overzichtelijker zodra u het doel concreet maakt. Veel voorkomende doelen zijn:
- zwemlessen, sport of andere activiteiten tijdens de jeugd;
- een laptop, fiets of andere grotere aankoop;
- rijlessen of een autorijbewijs;
- collegegeld, boeken en andere studiekosten;
- woonlasten en levensonderhoud als uw kind op kamers gaat;
- een vrij te besteden bedrag rond de achttiende verjaardag.
Het Nibud wijst erop dat ouders en grootouders vaak sparen voor een studie, rijlessen of de achttiende verjaardag. Ook adviseert het Nibud om te bepalen welk bedrag u kunt en wilt missen voordat u een spaarplan maakt. Dat onderscheid is belangrijk. Een spaardoel mag niet ten koste gaan van huur, vaste lasten, aflossingen of uw buffer.
Een studie als doel vraagt bovendien om een ruime blik. Naast collegegeld en boeken kunnen woonruimte, boodschappen, kleding, vervoer, telefoon en vrije tijd meetellen. Het Nibud noemt ongeveer €1.000 per maand als richtbedrag voor studeren. Dat is geen vaste rekening voor ieder kind. Het bedrag hangt onder meer af van de opleiding, de woonplaats, thuis wonen of uit huis gaan en de eigen inkomsten van uw kind.
Maak daarom liever drie scenario’s dan één schijnprecies doelbedrag:
- Basis - u betaalt bijvoorbeeld een eenmalige bijdrage of een deel van de studiekosten.
- Midden - u helpt mee met collegegeld, boeken en een beperkt bedrag voor levensonderhoud.
- Ruim - u wilt ook bijdragen aan wonen of meerdere jaren ondersteuning geven.
Zo ziet u direct welk doel bij uw situatie past en hoeveel ruimte u eventueel nog moet vinden.
Zo berekent u uw maandelijkse spaarbedrag
Een goed spaarplan bestaat uit vier stappen.
1. Kies een bedrag en een einddatum
Schrijf op hoeveel u beschikbaar wilt hebben en wanneer u het geld waarschijnlijk nodig heeft. Voor rijlessen ligt de einddatum bijvoorbeeld rond de leeftijd waarop uw kind daarmee kan beginnen. Voor een studiebijdrage kan de middelbare school of de achttiende verjaardag een logisch ijkpunt zijn.
Een doel als "zoveel mogelijk sparen" is moeilijk te controleren. Een doel als "€10.000 opbouwen vóór de achttiende verjaardag" geeft u een bedrag en een termijn om mee te rekenen.
2. Trek bestaande bedragen af
Heeft u al geld apart gezet, krijgt u regelmatig een bijdrage van familie of wilt u incidenteel geld toevoegen? Trek die verwachte inleg af van het doelbedrag. Wees voorzichtig met bedragen die niet zeker zijn. Een jaarlijkse meevaller kunt u beter als extra beschouwen dan als vaste basis van uw plan.
3. Deel het resterende bedrag door de maanden
De eenvoudige berekening zonder rente is voldoende om te beginnen. Bij een doel van €12.000 en een resterende looptijd van twaalf jaar zijn er 144 maanden. Zonder rente is de benodigde inleg dan ongeveer €83,35 per maand.
Rente kan het eindbedrag beïnvloeden, maar een toekomstige rente staat niet vast. Gebruik een eventuele rente daarom niet om een krap plan passend te rekenen. Zie rente liever als extra marge.
4. Test het bedrag in uw huishoudbudget
Plan de inleg als vaste maandelijkse uitgave en kijk of u die ook kunt volhouden wanneer kosten stijgen of inkomsten tijdelijk dalen. Met een budget maken stappenplan brengt u eerst uw inkomsten en uitgaven in kaart. Daarna ziet u hoeveel ruimte werkelijk beschikbaar is.
Begin liever met een lager bedrag dat u jarenlang volhoudt dan met een hoge inleg die na enkele maanden stopt. U kunt het bedrag later aanpassen als uw inkomen, woonlasten of gezinssituatie verandert.
Op wiens naam staat de spaarrekening?
U kunt sparen op uw eigen rekening of op een rekening die op naam van uw kind staat. Dat verschil heeft gevolgen voor de zeggenschap over het geld.
Staat de rekening op naam van het kind, dan kan uw kind vanaf de achttiende verjaardag in beginsel zelf over het geld beschikken. U heeft dan geen volledige controle meer over de bestemming. Dat kan precies de bedoeling zijn, bijvoorbeeld als u uw kind zelfstandig wilt laten kiezen. Wilt u zelf beslissen wanneer en waaraan u het geld schenkt, dan ligt sparen op uw eigen naam meer voor de hand.
Denk ook aan schenkbelasting. Geld dat u rechtstreeks op een rekening van uw kind zet, kan fiscaal als schenking worden gezien. Ook een groot bedrag dat u later in één keer geeft, valt onder de regels voor schenkingen. Vrijstellingen en voorwaarden kunnen wijzigen. Controleer daarom de actuele regels bij de Belastingdienst voordat u grote bedragen overmaakt.
Het spaargeld van een minderjarig kind telt volgens het Nibud tot de achttiende verjaardag mee bij het vermogen van de ouder. Dat kan gevolgen hebben voor de belasting over vermogen. Of dat in uw situatie speelt, hangt af van uw totale vermogen en de actuele vrijstellingen.
Sparen, beleggen of een combinatie?
Voor een doel op langere termijn kunt u naast sparen ook beleggen overwegen. De keuze hangt af van uw risicotolerantie, de looptijd en de zekerheid die u rond de einddatum nodig heeft.
Sparen
Een spaarrekening geeft duidelijkheid over uw ingelegde bedrag en u kunt vaak bij het geld. De rente kan veranderen en het opgebouwde bedrag groeit daardoor niet altijd in hetzelfde tempo. Voor een doel dat al dichtbij is, is sparen meestal overzichtelijker dan beleggen.
Beleggen
Beleggen kan op een lange looptijd meer groeimogelijkheden bieden, maar uw inleg kan ook dalen. U weet vooraf niet hoeveel geld er op de einddatum beschikbaar is. Wie zich hierin verdiept, kan bijvoorbeeld beginnen met ETF beleggen voor beginners, maar een lange looptijd maakt verlies niet onmogelijk.
Een combinatie
Een combinatie kan bestaan uit een vaste spaarinleg en een kleiner deel dat u belegt. Naarmate de einddatum dichterbij komt, is het verstandig om opnieuw naar het risico te kijken. Een koersdaling vlak voor de geplande uitgave kan een groter effect hebben dan een daling aan het begin van de looptijd.
Welke vorm u ook kiest, houd rekening met kosten, beschikbaarheid van het geld en de vraag of u een tegenvallend eindbedrag kunt opvangen. Gebruik geen rendement dat nog niet vaststaat als garantie in uw planning.
Automatisch sparen maakt volhouden eenvoudiger
Stel een automatische overboeking in kort nadat uw inkomen binnenkomt. Het bedrag verdwijnt dan direct naar de rekening of spaarpot voor uw kind. Zo hoeft u niet iedere maand opnieuw te beslissen wat er overblijft.
U kunt daarnaast flexibele bijdragen gebruiken voor verjaardagsgeld, kinderbijslag of een deel van een meevaller. Het Nibud noemt kinderbijslag als voorbeeld van geld dat sommige ouders apart zetten. Zie zulke bijdragen als aanvulling en niet als noodzakelijke voorwaarde voor uw doel. Uw plan blijft dan ook werken als een extra storting een keer niet lukt.
Plan minstens één keer per jaar een korte controle:
- ligt het doel nog steeds bij uw plannen;
- is de maandelijkse inleg nog betaalbaar;
- staat het geld nog op de juiste rekening;
- is de einddatum veranderd;
- moet u het risico of de verdeling tussen sparen en beleggen aanpassen?
Veelgemaakte fouten bij sparen voor uw kind
Te veel willen doen. Een bedrag voor de studie, een auto, een woning en een vrij besteedbaar kapitaal tegelijk kan uw maandbudget overbelasten. Kies eerst het doel dat u het belangrijkst vindt.
Uw eigen buffer overslaan. Zonder reserve kunnen onverwachte kosten leiden tot schulden of het voortijdig opnemen van het kinderspaargeld.
Alleen naar de inleg kijken. Controleer ook rente, kosten, voorwaarden en de beschikbaarheid van het geld.
Geen afspraken maken met familie. Spreek af of bijdragen incidenteel zijn, op wiens naam het geld staat en waarvoor het bedoeld is. Dat voorkomt onduidelijkheid.
De rekening nooit herzien. Een plan dat bij de geboorte paste, hoeft niet meer te passen na een verhuizing, inkomensdaling of de geboorte van een volgend kind.
Veelgestelde vragen
Hoeveel moet ik per maand sparen voor mijn kind?
Dat hangt af van uw doelbedrag en de resterende looptijd. Deel het bedrag dat u nog nodig heeft door het aantal maanden tot de gewenste einddatum. Begin daarna met een bedrag dat binnen uw budget past en herzie dat jaarlijks.
Is €50 per maand sparen voor een kind genoeg?
€50 per maand kan een nuttige bijdrage zijn, maar of het genoeg is hangt af van het doel. Over achttien jaar legt u zonder rente €10.800 in. Dat bedrag is geschikt voor een deelbijdrage, maar waarschijnlijk niet voor ieder mogelijk doel. Bepaal daarom eerst waarvoor u spaart.
Kan ik beter sparen op mijn eigen naam of op naam van mijn kind?
Op uw eigen naam houdt u meer zeggenschap over het moment waarop u het geld schenkt. Op naam van uw kind krijgt uw kind vanaf de achttiende verjaardag in beginsel zelf de beschikking over het tegoed. Denk daarnaast aan schenkbelasting en de fiscale verwerking van vermogen.
Is beleggen voor mijn kind verstandig?
Beleggen kan passen bij een lange looptijd en als u tussentijdse waardedalingen kunt accepteren. Het resultaat is niet gegarandeerd. Voor een doel dat binnenkort plaatsvindt, kan de onzekerheid groter zijn dan u prettig vindt.
Conclusie
Hoeveel sparen voor kind passend is, begint niet met een vast bedrag maar met een duidelijk doel. Bepaal waarvoor u spaart, kies een realistische einddatum en reken het resterende bedrag terug naar een maandelijkse inleg. Zorg eerst voor uw eigen financiële basis, automatiseer de inleg en controleer ieder jaar of het plan nog klopt.
Een bescheiden bedrag dat u consequent opzijzet, kan waardevoller zijn dan een ambitieus plan dat uw budget niet volhoudt. Zo bouwt u stap voor stap financiële ruimte op voor een belangrijke volgende fase in het leven van uw kind.